Sinds we in het buitengebied wonen zijn we verstoken van goede televisiezenders en de radio is al helemaal een heikel punt. Voor mij is de keuze om naar hier te verhuizen een muzikale aderlating geweest: geen BBC3 meer, in de zomermaanden geen rechtstreekse uizendingen van de BBC Proms en in het tweede weekend van maart geen televisiebeelden van de belangrijkste hondententoonstelling van het jaar, “de Crufts”.
Het is in sommige opzichten behelpen op de boerderij.
In plaats van al deze dagelijkse geneugten die ik zo moet missen, is er een vaste bekende die me op het breekpunt van de dag naar de latere uren helpt. De zoetgevooisde stem van de presentator van het klassieke muziekprogramma “Licht op Vier” klinkt, sinds onze verhuizing, vrijwel dagelijks door de kamer. Als “Hans” er niet is, is er wat mis. Het ene uurtje “Hans” tussen de middag doet het volledige BBC gemis volkomen op de achtergrond verdwijnen.
“Hans” is voor ons hele gezin, inclusief de honden die dan echt stil moeten zijn, een begrip. Een houvast in welke sombere tijden dan ook.
Zo ook deze vrijdag de dertiende.
Hans speelt in zijn dagelijkse uurtje twee vaste spelletjes met de luisteraars.
Het eerste is het zogenaamde “Nootschieten” waarin een muzikaal fragment van ongeveer 2 seconden uitgezonden wordt. De vraag is dan uit welk stuk muziek en van welke componist die 2 seconden muziek komt. Via een gratis telefoonnummer mogen er dagelijks tien luisteraars bellen naar Hans. Per dag gaat er €10 aan CDbonnen in de prijzenpot. Alleen op woensdag worden er geen noten geschoten.
Nu wij geregelde luisteraars van Hans zijn en zelfs Sarnia haar boterhammetje zo geruisloos mogelijk probeert op te knabbelen tijdens het “Nootschieten” zijn we er achter gekomen dat Hans een eigen groep fans heeft. Zo is er een vaste beller, Kees, die onlangs zijn vijftigste verjaardag heeft gevierd en daar door middel van zijn vrijwel dagelijkse telefoontje naar Hans, rechtstreeks ruchtbaarheid aan heeft gegeven in de uitzending.
Eigenlijk hadden we Kees een verjaardagskaartje moeten sturen. Maar wij hadden zijn adres niet.
Het trieste van Kees is dat hij met de meest ingenieuze oplossingen komt die uit de CDbox “alle dertien goed in de klassieke muziek” lijken te zijn opgeduikeld. Dan noteert Hans de titel en dan weet Kees wel hoe laat het is. Kees is een boeiende persoonlijkheid die je tussen de middag zomaar tussen de krentenbol en een beker melk de huiskamer in krijgt.
Behalve Kees heeft Hans een hele schare van trouwe bellers. Ze bellen regelmatig met oplossingen en zij vallen ook met dezelfde regelmaat in de prijzen. Ze zijn kenners. Dat zijn “de heren”.
Ik denk dat ze een hele mooie verzameling muziek hebben en dat wat ze niet hebben, zoeken ze op.
Er zit tussen de bellers soms wel eens een flauwe grapjas die denkt rechtstreeks in de uitzending van Hans zijn grollen te kunnen ventileren. Heel sporadisch komt er iemand in het programma die eigenlijk een gratis nummer van de afdeling “letselschade” van een groot verzekeringskantoor zoekt, bijvoorbeeld. Maar over het algemeen gaan de CD-bonnen naar de echte muzikale puzzelaars.
Zo ook deze vrijdag de dertiende.
Het fragment werd maar niet geraden. Er waren een aantal maal suggesties die in de richting leken te komen. We hadden er tijdens diverse lunches vaker over gespeculeerd. Vaag meende ik de paar nootjes wel onder te kunnen brengen, maar daarmee hield elke associatie op.
Sarnia en ik waren samen thuis en voor de grap zocht ik op de computer een stuk muziek wat me aan het flintertje van Hans deed denken. Ik liet het haar horen. Tenslotte is zij degene met het absolute gehoor in ons gezin, ik moet het van mijn kennis hebben. Ik schonk een glas melk in, pakte de telefoon en zei heel stoer: “Mama denkt het te weten, ik ga bellen...” Gelukkig was het nummer in gesprek. Op de achtergrond hoorde ik Hans iets prevelen over het noteren van de oplossing.
Dat was dus niet goed geweest. Ik drukte de herhaaltoets nog een keer in, overmoedig en onzinnig. Sarnia stond bij de radio om te luisteren en eer ik het goed en wel in de gaten had was ik de persoonlijke gesprekspartner van Hans.
“Ik wil ook een gokje wagen”, stamelde ik. Ik dacht aan de Derde Symfonie van Darius Milhaud, ook wel “Te Deum” genoemd. Hans noemde dat geen gok meer. Ik ben helemaal geen Milhaud-liefhebber. Ik heb er tijdens mijn balletopleiding teveel over moeten horen en leren… die “moderne Fransozen” waren toen niet mijn vrienden. Maar ik had door deze wilde speculatie wel €80 aan CD bonnen gewonnen.
Nu werd ik vanmorgen neuriënd wakker met 2 seconden muziek in mijn hoofd. Een nieuw fragment. Ik pijnig mijn hersens uit welke Sjostakovitch of Janacec, Katchaturian of Martinu het komt. Want die twee seconden zijn vast van een Oostblokker. Ik puzzel en zoek. Ik graaf, beluister van alles. Ben koortsachtig naar een goede oplossing aan het zoeken. Ik ken het... ongetwijfeld. Ik kan het zo plaatsen. En dan realiseer ik me plotseling: Ik ben een Hansfan geworden. Ik hoor bij de selecte groep “Nootschietspelers.”
Dat had je niet, bij de BBC!

2 reacties
Reactie van Robin
20 Maart 2009 om 09.37 uur •
Reactie van AnamCara
20 Maart 2009 om 23.58 uur •
Reacties zijn gesloten voor dit artikel.